donderdag 26 januari 2023

De verzoenende Kruisdood van Christus

In de Nederlandse pers stond kort geleden een artikel over gelovigen die in opstand waren gekomen tegen het beleid van Kardinaal Eijk van het Aartsbisdom Utrecht. Sommige zaken slepen al jaren voort, maar in het kort komt het erop neer dat de Kardinaal graag ziet dat gelovigen deelnemen aan de H.Eucharistie en dat Woord en Communiediensten - binnen vijf jaar - een halt wordt toegeroepen. Ook keren deze gelovigen zich tegen de kerksluitingen in het Aartsbisdom. De gelovigen klagen erover dat "alles van boven wordt opgelegd" en zijn een petitie gestart.

Wanneer je de woorden van deze opstandige gelovigen leest, dan lijkt men de kennis over het Verzoenende kruisoffer van de H.Mis te zijn vergeten. Dit verzoenende kruisoffer is overigens een geloofspunt dat je niet zomaar even kan wegpoetsen. Pastoor Mennen schreef daarover een aantal jaren terug een verhelderend stukje op zijn blog die ik hier gedeeltelijk citeer: 

"Die verzoenende kruisdood van Christus wordt door enkelen ontkend en door velen verzwegen waardoor dit geloofspunt uit het besef van de gelovigen wegglijdt. Dat blijkt uit het feit dat in het Paasmysterie tegenwoordig de nadruk ligt op de verrijzenis, terwijl de verrijzenis “slechts” de vrucht is van het Paasmysterie. Het hart van het Paasmysterie is het kruis waardoor Christus ons verlost heeft en de verrijzenis heeft mogelijk gemaakt. Het hart van de eucharistie is niet de Communie. De Communie is “slechts” de vrucht van het Misoffer. Het hart van de viering is de Consecratie, het moment waarop het verzoenend offer voltrokken wordt.
Onder invloed van het hardnekkig zwijgen hierover de laatste vijftig jaar, vinden mensen dat het alleen maar zin heeft aan de eucharistie deel te nemen, als je te Communie kunt gaan en vinden veel mensen (niet alleen leken) dat een communiedienst een vervanging is van de Mis waarvoor ze ook met een gerust hart intenties opgeven en aannemen. Ook de intenties zijn dus losgemaakt van hun verzoenende betekenis en betekenen nu alleen nog het publiek noemen van de naam en een inkomstenbron voor de parochie."

Tot zover Pastoor Mennen. Daarom is de deelname aan de H.Mis zo belangrijk, en daarom is een Woord en Communiedienst zeker geen vervanging van het verzoenende kruisoffer die de Heer heeft ingesteld. Hij deed dit niet om ons te pesten, maar om ons met God te verzoenen. En laten wij nu eens eerlijk zijn: in wiens belang is het om die verzoening met God ongedaan te maken? En waarom loopt men weer storm tegen een Nederlandse Kardinaal die alleen maar het beste voor zijn schapen wil? Dat is de hamvraag hier.

zaterdag 21 januari 2023

Derde Zondag na de Verschijning des Heren

Jaren geleden gebeurde een bijzonder voorval waarbij in een Nederlandse buurt de kinderen van overburen een conflict kregen met volwassen buurtbewoners. Dat conflict liep behoorlijk op, maar de buurtbewoners die het conflict hadden met die kinderen wilden het probleem oplossen. Dit gebeurde niet door de kinderen van die overburen bestraffend toe te spreken, maar door een grote doos met prachtige aardbeien aan te bieden. De ouders van die kinderen vonden dit natuurlijk een mooi gebaar en niet wetend van het conflict, aanvaarden zij de enorme doos met heerlijke aardbeien. De kinderen van die overburen waren bij de 'overdracht' zelf toevallig aanwezig en keken met grote ogen toe hoeveel heerlijks gratis werd aangeboden. En u raadt het al: het conflict was bij deze meteen opgelost. De kinderen van die overburen hebben toen de strijd diezelfde dag nog gestaakt.

In het Epistel van de derde Zondag na de Verschijning des Heren in de Buitengewone Vorm van de Romeinse Liturgie, lezen we iets soortgelijks bij de Apostel Paulus in zijn brief aan de Romeinen. In die brief zegt Paulus om geen wraak te nemen en ook niet om kwaad met kwaad te vergelden. "Integendeel", zo zegt Paulus, "als uw vijand honger heeft, geef hem dan te eten, als hij dorst heeft, geef hem te drinken... Zo stapelt gij vurige kolen op zijn hoofd. Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede." 
Het is ook logisch: hoe kan je immers kwaad met kwaad bestrijden? Is het niet logischer om daarvoor het goede te gebruiken? Want het kwaad heeft geen macht over het goede. En dat is toch wel de strekking van de brief van Paulus aan de Romeinen, en dus ook aan ons. Bestrijdt het kwaad door goed te doen. Dat is de enige methode die werkt om conflicten te beëindigen. 

Epistel: Romeinen 12; 16-21.
Evangelie: Matteus 8; 1-13.
Liturgische kleur: Groen.

vrijdag 13 januari 2023

Tweede Zondag na de Verschijning des Heren

De Bruiloft in Kana vinden we in de Tweede Zondag na de Verschijning des Heren in de Buitengewone Vorm van de Romeinse Liturgie. 

Er zijn in dit stukje Evangelie bijzondere dingen op te merken waar we te gemakkelijk over heen lezen. Vooral de rol van de bedienden die de hulp van de Maagd Maria inroepen die op het feest van de bruiloft ook was uitgenodigd. Deze bedienden vragen niet direct de hulp van de Heer Jesus in, maar van de Maagd Maria en waarvan we duidelijk kunnen lezen dat zij als Voorspreekster fungeert bij haar Goddelijke Zoon. Ook het feit dat de bedienden opmerkten geen wijn meer te hebben, geeft aan dat deze groep van mensen kennelijk op de hoogte was van de Goddelijke Natuur van Onze Heer die op dat feest aanwezig was. Logisch ook, anders roep je geen hulp van Jesus in. En ja hoor, deze gebeurtenis staat toch echt in de Bijbel hoor en sommige protestanten vinden het kennelijk maar moeilijk te verteren dat Maria ook Voorspreekster is. 

De opmerking van Christus dat zijn uur nog niet is gekomen na het verzoek van Maria, duidt erop dat het uur van de Goddelijke macht van Christus nog niet was aangebroken, maar omwille van Maria werd vervroegd en geeft feilloos aan hoezeer Christus naar zijn Moeder luistert. Christus openbaart hier zijn heerlijkheid en de leerlingen geloofden in Hem. Ook wij geloven in Hem nadat wij het verhaal in de Schrift hebben gelezen en hoe Christus zijn Goddelijke Macht demonstreert. Later zal de Heer brood en wijn veranderen in zijn Lichaam en Bloed die wij ontvangen in de H.Communie tijdens de H.Mis. De H.Mis die aan God wordt opgedragen.

Epistel: Romeinen 12; 6-16.
Evangelie: Johannes 2; 1-11.
Liturgische kleur: Groen.

zondag 1 januari 2023

Bij het heengaan van Paus Benedictus XVI

Wie zou het normaal vinden als een Koning van een land overlijdt, en dat de 'pers' voortdurend in dat land de moorden, de verkrachtingen en het financieel wanbeleid in dat koninkrijk zouden noemen om de naam van de Koning daaraan te koppelen? Zou men niet terecht zeggen dat men dan niet alleen te ver gaat, maar ook dat dit nogal ver gezocht is? Bij het overlijden van een Koningin of Koning zullen dit soort misdrijven nooit in verband worden gebracht met het Koninklijk huis van dat betreffende land, maar.... die uitzondering wordt natuurlijk wél gemaakt als je door het kardinalencollege tot Paus bent gekozen. Ja, dán wordt het ene schandaal na de andere over je uitgestort. Ja, dán is een Paus natuurlijk extra schuldig! 

En dan hebben we het nog niet over het uit de context halen van de woorden van Paus Benedictus (de Regensburger Rede, uitgezonden door RTLnieuws), waaruit dan blijkt dat de betreffende journalist totaal niets begrepen heeft van de rede die Paus Benedictus heeft uitgegeven. Zelfs de moslims kregen het uiteindelijk door waar de Paus het over had, maar RTLnieuws probeerde de zaak op te stoken door te beweren dat Benedictus de profeet Mohammed had beledigd! Dit is echt de grootst mogelijk onzin die ik ooit heb gelezen. Beste RTLnieuws: als je niet weet hoe het in elkaar zit, ga dan navraag doen bij de persdienst van het Aartsbisdom Utrecht bijvoorbeeld. Maar kom niet aanzetten met misleidende informatie waar niemand iets aan heeft! En bij het doorlezen van de necrologie van de Paus was het mij al opgevallen dat je de indruk kreeg het strafblad van een of andere plaatselijke crimineel voor je ogen te hebben. Je vraagt je af hoe onredelijkunfair en ronduit misdadig de pers kan zijn. En de vraag is gesteld wie hun eigenlijk het recht heeft gegeven om op de stoel van de rechter te gaan zitten om over de Paus te oordelen! 

De Romeinen beseften maar wat goed dat het onredelijk is om met finale oordelen over iemand na zijn dood aan te komen zetten: iemand die beschuldigd wordt, kan zich namelijk niet meer verdedigen. Zeiden ze daarom niet De Mortuis nil nisi bene? Over de doden niets dan goeds? 

Post Scriptum: In 2010 heeft een visionair de Troonzaal met God de Vader gezien en waarbij God de Eeuwige Vader hevig ontstemt was over de aanvallen die op Paus Benedictus werden uitgevoerd. We kunnen daaruit opmaken dat Benedictus kennelijk door de gevestigde wereld zwaar werd vervolgd. Onze Heer Jesus Christus heeft iedereen zalig geprezen die omwille van de gerechtigheid zal worden vervolgd, zoals dat ook bij de Profeten gebeurde die voor ons geleefd hebben. Zij worden een grote beloning in de Hemel in het vooruitzicht gesteld.

zaterdag 31 december 2022

Emeritus Paus Benedictus XVI overleden.

 

Requiescat In Pace!

Gebed
Luister Heer naar ons gebed, nu wij een beroep doen op uw Barmhartigheid: Gij hebt uw dienaar Paus Benedictus in deze wereld tot uw volk gerekend. Geef hem nu een plaats in het land van licht en vrede en neem hem op in de kring van uw heiligen. Door Onze Heer Jesus Christus uw Zoon, die met U leeft en heerst in de Eenheid van de Heilige Geest, God, door de eeuwen der eeuwen. Amen.

Graag uw gebeden voor onze Emeritus Paus!

vrijdag 23 december 2022

Christus Natus Est Pro Nobis - Alleluia!

Uit een preek van de heilige paus Leo de Grote († 461)
Erken, christen, uw waardigheid!
Geliefden, heden is onze Verlosser geboren: laten wij ons verheugen. Droefheid mag geen ruimte meer vinden waar de geboortedag van het leven wordt gevierd. Dit leven dat de angst voor de dood heeft vernietigd, vervult ons hart met vreugde om de beloofde eeuwigheid.
Geen mens wordt uitgesloten van deelname aan deze vreugde. Allen hebben wij dezelfde reden tot vreugde, want onze Heer die zonde en dood heeft vernietigd, trof niemand aan die vrij was van schuld en kwam daarom allen daarvan bevrijden. Vreugde voor de heilige: hij komt de overwinning nabij. Blijdschap voor de zondaar: hij wordt uitgenodigd tot vergeving. Bemoediging voor de heiden: hij wordt geroepen tot het leven.

Immers, toen de volheid van de tijd gekomen was die God in zijn ondoorgrondelijk raadsbesluit had vastgesteld, heeft de Zoon van God de menselijke natuur aangenomen om de mens te verzoenen met zijn Schepper, en om de duivel, de uitvinder van de dood, door dezelfde natuur te overwinnen die eens door de duivel overwonnen was.

Bij de geboorte van de Heer zingen juichende engelen: ‘Eer aan God in den hoge’, en verkondigen zij ‘vrede op aarde aan de mensen die Hij liefheeft’ (Lc. 2, 14). Want wij zien hoe het hemelse Jeruzalem uit alle volken van de wereld wordt opgebouwd. Als reeds de verheven engelen van vreugde juichen over dit werk van Gods onuitsprekelijke goedheid, hoezeer moet dan ook de kleine mens zich daarover verheugen?

Brengen wij daarom dank aan God de Vader door zijn Zoon in de heilige Geest. ‘Wegens de grote liefde waarmee Hij ons heeft liefgehad’ heeft Hij zich over ons ontfermd, en ‘toen wij dood waren door onze zonden, heeft Hij ons met Christus ten leven gewekt’ (Ef. 2, 4-5), opdat wij in Hem een nieuwe schepping zouden zijn, een nieuw werk van zijn handen.

Leggen wij dan de oude mens met zijn levenswijze af en verzaken wij aan de werken van het vlees, nu wij deel gekregen hebben aan de geboorte van Christus.

Erken, christen, uw waardigheid. Val door een slechte levenswijze niet terug in uw vroegere armzaligheid. Gij zijt immers deelachtig geworden aan de goddelijke natuur. Gedenk tot wiens hoofd en lichaam gij behoort. Herinner u dat gij ontrukt zijt aan de macht van de duisternis en overgebracht naar het licht van het rijk Gods.

Door het sacrament van het doopsel zijt gij tempel van de heilige Geest geworden. Wil deze hoge gast niet van u wegjagen door verkeerde daden. Onderwerp u niet opnieuw aan de slavernij van de duivel, want met het bloed van Christus zijt gij vrijgekocht.

Bron: Nederlands Getijdengebed, Lezingendienst Kerstmis.

zaterdag 17 december 2022

Vierde Zondag van de Advent

In de Buitengewone Vorm van de Romeinse Liturgie van de vierde Zondag van de Advent lezen we de brief van de H.Apostel Paulus (1 Korintiërs 4;1-5) die ons waarschuwt niet voortijdig te oordelen voordat de Wederkomst van Christus heeft plaatsgevonden. Je ziet dat vaak dat bij de Eerste komst van Christus, ook teksten worden genomen die gaan over de Tweede komst van Christus en dat is niet zonder reden.

Het is ook begrijpelijk dat wij niet moeten oordelen, zeker als we niet alle feiten en omstandigheden kennen waarom iemand op een bepaalde manier heeft gehandeld. We hebben immers niet het hele levens-dossier van een bepaald persoon op ons bureau liggen. Als we naar de aardse rechtbanken kijken, waarin verdachten al dan niet worden veroordeeld voor misdrijven, dan zien we soms hele pakken papier van de verdachte bij de rechtbank liggen. En dan nog is het niet zeker of een rechtbank in staat is om alles voor het voetlicht te krijgen. En in sommige gevallen wordt een verdachte zelfs op onjuiste gronden veroordeeld. Dat blijkt dan weer later.

Daarom moeten we voorzichtig zijn in het uitspreken van een oordeel als we niet alle feiten kennen. Alleen God kent het hele dossier en tot in detail. We kunnen daarom beter wachten op het Laatste Oordeel, zoals de Apostel Paulus van ons vraagt, want dat Oordeel zal zeker Rechtvaardig zijn omdat God Rechtvaardig is. Onterechte veroordelingen komen daar niet voor. En wie denkt de aardse rechtbanken te kunnen omzeilen: er is nog een Rechtbank in de Hemel, om het zo maar even te stellen. Wie dus denkt de dans als misdadiger te kunnen ontspringen, zal Gods oordeel zeker niet kunnen ontlopen. Laat dat een troost zijn voor diegenen aan wie het recht op aarde nooit gedaan is en aan alle slachtoffers van misdaad en geweld, die reikhalzend zullen uitzien naar een Rechtvaardig en eerlijk Vonnis van onze Grote Koning en Heer, onze Heer Jesus Christus.

vrijdag 9 december 2022

Derde Zondag van de Advent - Gaudete

We mogen ons intens verheugen in de komst van Christus op de derde Zondag van de Advent (Zondag Gaudete) waarbij de paarse gewaden worden verruild voor de licht-paarse gewaden. In de Buitengewone Vorm van de Romeinse Liturgie wordt er gesproken van "roze-rode" gewaden. De Introïtus begint in de H.Mis met de woorden van de brief van de Heilige Apostel Paulus aan de Filippenzen hoofdstuk 4;4-6: Gaudete in Domino: "Verblijdt u altijd in de Heer. Ik herhaal het: verblijdt u!"

Velen van ons hebben zich in deze tijd laten reinigen door het Heilig Sacrament van Boete en Verzoening, opdat zij waardig op deze Zondag de H.Eucharistie kunnen ontvangen. We doen in deze Adventstijd boete, zoals wij worden opgeroepen en we ook beleven via de Liturgie. 

In het Heilig Evangelie lezen we over Johannes de Doper die aan de oostzijde van de Jordaan optreedt. Opvallend is dat het Hebreeuwse woord voor Jordaan (yarad) letterlijk afdaling betekent. De mensen daalden af in de Jordaan om zich te laten dopen door Johannes. Overigens was dit doopsel geen Sacrament, maar een teken van boetvaardigheid, waardoor zij die het ontvingen, hun verlangen te kennen gaven van hun zonden gereinigd te willen worden. Het is Christus geweest die later het Sacrament van het Doopsel heeft ingesteld. Laten wij ons dus reinigen door de H.Sacramenten, vooral het Sacrament van Boete en Verzoening. Laten wij met een schone lei beginnen voordat wij de Heer gaan ontmoeten!

woensdag 7 december 2022

Hoogfeest Maria Onbevlekt Ontvangen

In het hoogfeest van 8 december 2022 vieren wij de Onbevlekte Ontvangenis van de Heilige Maagd Maria. Dit Geloofspunt wordt niet altijd goed door de mensen begrepen en vaak wordt het verwisseld met de Maagdelijke Geboorte van onze Heer Jesus Christus op 25 december. Maar daar heeft dit Geloofspunt niets mee te maken. De Onbevlekte Ontvangenis van Maria betekent, dat Maria zonder erfzonde ontvangen is in de schoot van haar moeder Anna. Daarom heeft de zonde, op welke wijze dan ook, nooit geregeerd over de Maagd Maria. 

Diezelfde erfzonde wordt bij ons mensen weggenomen door het Heilig Sacrament van het Doopsel, dat Onze Heer Jesus Christus heeft ingesteld. Daarom is het zo belangrijk dat kleine kinderen zo snel als mogelijk gedoopt worden en dat de erfzonde wordt weggenomen. Door de zonde van Adam werd de eerste mens beroofd van de oorspronkelijke heiligheid en de gerechtigheid (dit beroofd zijn heet: erfzonde) Omdat heel het menselijk geslacht in Adam is, "als het ene lichaam van één mens" is de erfzonde, over al zijn afstammelingen overgedragen. In het Buitengewoon Leergezag van het Concilie van Trente wordt geleerd dat de erfzonde tegelijk met de menselijke natuur wordt overgedragen door voortplanting. 

Door de zonde van onze stamouders heeft de duivel een zekere macht over de mens gekregen. Omdat bij de Heilige Maagd Maria geen erfzonde aanwezig was, heeft de duivel nooit macht over haar gekregen. In de Maagd Maria is dus bij voorbaat de vloek van de zonde weggenomen die sinds de eerste zonde op de mensen rustte. Omwille van haar Zoon, de overwinnaar van zonde en dood, was zij geen ogenblik in de macht van het kwaad. Zo is de moeder van Jesus het beeld van de Kerk, waarvoor de Heer zich heeft overgeleverd om haar tot zich te voeren als een schone bruid, zonder vlek, rimpel of fout, heilig en onbesmet.

In het Boek Genesis wordt de komst van de Heilige Maagd Maria in een voorafbeelding van Eva al aangekondigd door het Woord van de Heer zelf, die tot de duivel sprak: Ik zal vijandschap wekken tussen u en de Vrouw, tussen uw kroost en haar kroost. Dit zal u de kop verpletteren! (Genesis 3;15) En het is vastgesteld dat de Heilige Maagd Maria de kop van de slang zal verpletteren. Deze troostvolle voorzegging leert ons dat de overwinning op het kwaad dus definitief vast staat.

vrijdag 2 december 2022

Tweede Zondag van de Advent

Uit het commentaar van de heilige Augustinus, bisschop van Hippo († 430), op psalm 110 (109)
God heeft een tijd vastgesteld om zijn beloften te doen, en een tijd om die beloften in vervulling te doen gaan.
De tijd van de beloften gaat van de profeten tot Johannes de Doper; de tijd van de vervulling, van Johannes de Doper tot het einde der eeuwen.

Getrouw is God die zichzelf tot onze schuldenaar maakte, niet door wat dan ook van ons te ontvangen, maar door zulke grote goederen te beloven. Beloven was nog niet genoeg. Hij heeft zichzelf schriftelijk willen verplichten door als het ware een schuldbekentenis te tekenen ter bekrachtiging van zijn beloften, zodat wij in het boek der beloften het verloop van de vervulling kunnen volgen. De tijd van de profetieën was de voorspelling van de beloften, zoals we al dikwijls gezegd hebben.

Hij heeft ons het eeuwig heil beloofd, een gelukkig leven met de engelen dat geen einde kent, een onvervreemdbare erfenis, de eeuwige heerlijkheid, het genot van de aanschouwing van zijn gelaat, de woning van zijn heiligheid in de hemel, de afwezigheid van alle vrees voor de dood vanwege de verrijzenis uit de doden. Dit is als het slotakkoord van zijn beloften waarop al onze hoop gevestigd is. Want eenmaal dit verworven, zullen wij niets meer missen, niets meer te verlangen hebben. Maar God heeft bij zijn beloften en voorspellingen niet verzwegen hoe wij kunnen komen tot dat wat er aan het einde zal zijn. Hij beloofde immers aan mensen goddelijk leven, aan stervelingen onsterfelijkheid, aan zondaars vergiffenis, aan verworpenen verheerlijking.

Ja werkelijk, broeders en zusters, omdat het de mensen onmogelijk toescheen wat God beloofde, hen namelijk uit dit sterfelijk leven, uit het verderf, uit de verwerping, uit hun zwakheid, uit stof en as, op te halen om hen aan engelen van God gelijk te maken, daarom heeft God niet alleen zijn verbond ondertekend in de Schrift, maar heeft Hij ook de mensen een middelaar gegeven van zijn trouw, opdat zij zijn woord zouden geloven. En die middelaar is niet zo maar een hemelse vorst, een engel of aartsengel, maar zijn enige Zoon, om door die Zoon ons de weg te tonen en te geven waarlangs wij het doel zullen bereiken dat Hij ons beloofd heeft.

Want voor God was het niet genoeg dat zijn Zoon ons de weg zou wijzen, God heeft gewild dat zijn Zoon zelf de weg zou zijn, zodat gij zoudt kunnen gaan langs Hem, terwijl Hij u leidt en gij voortgang maakt door Hem.

De enige Zoon van God moest tot de mensen komen, mens worden en als mens sterven, verrijzen, opstijgen naar de hemel, aan de rechterhand zitten van God de Vader en al het beloofde onder de mensen volbrengen. En na de vervulling van zijn beloften onder de mensen zal Hij ook dit nog in vervulling doen gaan: Hij zal komen om de ongelovigen te vergelden met datgene waarmee Hij had gedreigd, en de gelovigen te belonen met datgene wat Hij had beloofd.

Dit alles moest nauwkeurig voorspeld worden, opdat niemand zou schrikken als bij iets onverwachts. Integendeel, nu kan iedereen reikhalzend uitzien naar datgene waaraan hij geloof geschonken heeft.

Bron: Getijdengebed, Lezingendienst tweede Zondag van de Advent.

vrijdag 25 november 2022

Eerste Zondag van de Advent

Uit een preek van de zalige Aelred, abt van Rievaulx († 1167)
Deze tijd houdt ons de tweevoudige komst van de Heer voor.
U moet weten, geliefde broeders en zusters, dat deze heilige tijd die wij de advent - de komst van de Heer - noemen, ons twee feiten voor ogen houdt. Daarom moeten wij ons ook over twee dingen verheugen, want deze tijd moet op twee manieren nuttig voor ons zijn.

Hij houdt ons immers de tweevoudige komst van de Heer voor. In de eerste plaats de lieflijke komst van Hem aan wie ‘geen mens gelijk is in edele gestalte’ (Ps. 45 (44), 3), en naar wie alle volken verlangen (vgl. Hag. 2, 7). Want de Zoon van God is zichtbaar in het vlees verschenen, zoals lang verwacht was en door alle voorvaderen vurig gewenst. Zo toonde Hij zich toen aan deze wereld en kwam Hij om de zondaars te redden. Vervolgens is er de tweede komst, die wij ondanks alles met gegronde hoop moeten verwachten en zelfs vaker in tranen moeten overdenken. Dan zal dezelfde Heer die eerst verborgen in het vlees is gekomen, zich in zijn heerlijkheid openbaren, zoals in de psalm over Hem gezongen wordt: ‘De Heer zal komen, onze God, en zich openbaren’ (Ps. 50 (49), 3 - Vulg.). Dit gebeurt op de oordeelsdag, wanneer Hij openlijk zal komen om te oordelen.

Zijn eerste komst werd slechts aan enkele rechtvaardigen bekendgemaakt. Bij zijn tweede komst zal Hij openlijk zowel aan de rechtvaardigen als aan de verworpenen verschijnen, zoals de profeet duidelijk te kennen geeft met de woorden: ‘Heel de mensheid zal Gods redding zien’ (Jes. 40, 5). De dag die wij binnenkort ter herinnering aan zijn geboorte gaan vieren, stelt Hem als de pasgeborene voor, dat wil zeggen: het is een nadere aanduiding van de dag en het uur waarop Hij in deze wereld is gekomen.

Het is dan ook terecht dat in de kerk tijdens de advent de woorden gelezen worden en de verlangens herdacht van hen die vóór de eerste komst van de Heer hebben geleefd. En dit verlangend uitzien vieren wij niet slechts één dag, maar een langere periode; want iets waarnaar wij hevig verlangen, lijkt ons aantrekkelijker als het enige tijd op zich laat wachten dan wanneer het verlangen eenmaal is vervuld.

Het is dus onze taak, geliefde broeders en zusters, het voorbeeld van de heilige vaders te volgen en hun verlangen te gedenken en zo onze geest in liefde voor Christus en in verlangen naar Hem te laten ontbranden. Daarom moet u weten dat de viering van deze tijd is ingesteld om onze aandacht te richten op het verlangen van onze vaders naar de eerste komst van de Heer en om ons door hun voorbeeld te leren vurig naar zijn tweede komst te verlangen.

Wij moeten overwegen hoeveel goeds de Heer ons door zijn eerste komst heeft bewezen en wij moeten bedenken dat Hij ons door zijn tweede komst nog veel meer goed zal doen. Door deze overweging moeten wij een grote liefde leren koesteren voor zijn eerste komst en hevig gaan verlangen naar die tweede komst. En als wij niet zo’n zuiver geweten hebben dat wij naar zijn komst durven verlangen, moeten wij deze tenminste vrezen en op grond van die vrees onze fouten verbeteren. Dan behoeven wij, zelfs als het ons hier misschien onmogelijk is zonder vrees te leven, tenminste geen vrees te hebben als Hij komt, maar kunnen wij onbezorgd zijn. (Bron: Nederlands Getijdengebed Lezingendienst)

vrijdag 11 november 2022

23ste Zondag na Pinksteren

Een wel heel bijzondere aanwijzing over de verrijzenis der doden is in de Heilige Schrift te lezen in de 23ste Zondag na Pinksteren in de Buitengewone Vorm van de Romeinse Liturgie.

Men stelt wel eens dat we niet weten wat er bij de verrijzenis gaat gebeuren, maar toch heeft de Heilige Apostel Paulus (maar ook de H.Pastoor van Ars) ons hierover iets nagelaten. In de brief aan de Christenen aan de Filippenzen, hoofdstuk 3 verzen 17-21 en hoofdstuk 4 verzen 1-3, kunnen wij lezen dat onze Heer Jesus Christus ons nietig lichaam gelijk zal maken aan Zijn Verheerlijkt Lichaam. 

Wij krijgen dus een verheerlijkt lichaam terug waarin het Lichaam van Christus de oorzaak zal zijn van die verheerlijking. Zoals Jesus opstond uit de doden met een verheerlijkt lichaam, zo zullen wij ook op gelijke wijze opstaan uit de doden, met een verheerlijkt lichaam, zoals Jesus ook heeft. Er zijn zelfs theologen (Thomas van Aquino) die stellen dat na de opstanding en onze verheerlijking iedereen, die daaraan deel heeft, dezelfde (Aardse) leeftijd van 30 jaar zal verkrijgen. Een waarlijk bijzondere gedachte over de opstanding!

Het Kerkelijk jaar loopt nu snel ten einde, en binnenkort zal de Advent weer zijn intrede doen. Dan zal de Komst van Christus in zijn Heilige Goddelijkheid en Heilige Mensheid weer gevierd worden in de Liturgie. Onze Verlosser die uit liefde voor ons uit de Hemel neerdaalde en mens werd om ons te verlossen van zonde en dood, geboren in een kribbetje ergens in een stal te Bethlehem, tweeduizend jaar geleden. 

De lezingen zijn als volgt:

Epistel: Filippenzen 3; 17-21 en 4; 1-3
Evangelie: Matteus 9; 18-26
Liturgische Kleur: Groen.

vrijdag 4 november 2022

Zorg voor de Kerk van morgen

Nog niet zo lang geleden deden een aantal priesters in een niet-nader genoemd bisdom in Nederland een ontstellende ontdekking: er wordt nergens meer Catechese gegeven in de scholen, en ook niet in de Katholieke scholen. 

Vooral dat laatste steekt nog het meest van allen. Hoe kan het dat op Katholieke scholen geen Catechese, geen geloofsoverdracht meer wordt gegeven? Hoe kunnen wij de zorg voor de Kerk in de toekomst ter hand nemen, als complete generaties kinderen niets van het Katholiek geloof weten? Men zou verwachten dat de bisschoppen meteen actie ondernemen, maar sinds Mgr. Dr. Johannes Gijsen, de vroegere bisschop van Roermond, het zelfs maar waagde om dit ter hand te nemen, kreeg de monseigneur een hele lading tv-criticasters op zijn nek gegooid. Saillant detail; de hoofdaanval werd notabene gelanceerd door een zich Katholiek noemde Radio Omroep (KRO) in Hilversum. Ik bedoel maar!

Bij de eerste H.Communie het het H.Vormsel krijgen de kinderen Catechese, maar dat is niet voldoende. Natuurlijk is de vraag van wie precies die Catechese voor onze kinderen dan wél moet komen. En daar is maar één antwoord op: van de katholieke ouders. Die zullen thuis hun kinderen Catechese moeten gaan geven. En aangezien er niet veel Katholieke ouders meer zijn die dat doen, is het logisch dat de Kerk van morgen een nogal zeer moeilijke tijd gaat doormaken. Vele malen moeilijker dan nu. En dan gaan we er maar van uit dat de situatie niet verandert.

Dus beste Katholieke ouders: zorg goed voor uw kinderen op dit punt! Geef ze zoveel mogelijk die broodnodige geloofsoverdracht! Tracht evenwel nooit te forceren en altijd even te kijken dat er geen overvoering gaat plaatsvinden. Maar zorg er wel voor dat uw kinderen niet alleen goed gekleed en gevoed zijn, maar ook de juiste Geloofsvoeding hebben gekregen! Zonder kennis over onze Verlosser, leeft men maar alleen voor deze wereld. Laat het dus nooit zover komen!

woensdag 2 november 2022

Allerzielen - offer en gebed voor de overledenen

Uit het boek ‘De zorg voor de doden’ van de heilige Augustinus, bisschop van Hippo († 430). 
De lichamen van de overledenen mogen niet achteloos worden behandeld noch zomaar afgevoerd. Zeker niet wanneer het rechtvaardigen en gelovigen betreft. Hun geest heeft zich immers op geoorloofde wijze bediend van hun lichaam als werktuig voor allerlei goede werken. Een kledingstuk, een ring of iets anders van een overleden vader of moeder heeft voor de kinderen des te meer waarde naarmate hun liefde voor hun ouders groter is. Zo moet men ook niet te min denken over het lichaam waarmee wij bekleed zijn en dat veel inniger met ons verbonden is dan welk kledingstuk ook. Want het lichaam is ons niet geschonken als een sieraad of als een hulpmiddel dat buiten ons staat, maar het behoort tot het wezen zelf van de mens. Dit is de reden waarom ook in vroeger tijden de dode lichamen van de rechtvaardigen met eerbiedige zorg werden omgeven en men hun uitvaart vierde en voor hun begraafplaats zorgde. Ja, vaak hadden zijzelf tijdens hun leven aan hun kinderen de opdracht gegeven voor hun begrafenis of voor het overbrengen van hun lichaam te zorgen.

Wanneer de gelovigen hun dierbare overledenen gedenken en voor hen bidden, komt dit ongetwijfeld ten goede aan hen die tijdens hun leven hebben verdiend aldus na dit leven geholpen te worden. Ook wanneer het om een of andere reden onmogelijk is het lichaam van een overledene te begraven of het bij te zetten in een gewijde ruimte, mag men niet nalaten voor zijn of haar ziel te bidden. De kerk zelf kwijt zich van deze taak door allen die binnen de christelijke en katholieke gemeenschap zijn gestorven, in het algemeen te gedenken en voor hen te bidden zonder dat hun namen afzonderlijk worden vernoemd. Zo wordt er voor hen die geen ouders, kinderen, verwanten of vrienden meer op aarde hebben om hen te gedenken, toch gebeden door de ene, gemeenschappelijke en liefderijke moeder, de Kerk.

Bij dit alles echter moeten we wel bedenken dat de overledenen die wij met onze zorg omringen, alleen datgene bereiken wat wij geregeld voor hen van God afsmeken, hetzij door het offer van het altaar, hetzij door de offers van onze persoonlijke gebeden en aalmoezen. Weliswaar vinden niet allen hierbij baat, maar alleen zij die tijdens dit leven verdienen dat dit alles hun tot voordeel zal strekken. Maar omdat wij niet kunnen uitmaken wie dit zijn, moeten wij dit voor alle gedoopten doen, zodat niemand wordt uitgesloten die het voorwerp kan en moet zijn van deze weldaden. Het is immers beter dat er te veel wordt gebeden, voor hen namelijk die er in feite noch schade noch baat bij hebben, dan dat er te weinig wordt gebeden voor hen aan wie ons gebed ten goede moet komen.

Bron: Nederlands Getijdengebed, Lezingendienst Allerzielen.

Post Scriptum: Natuurlijk is de vraag gewettigd of bidden voor de overledenen wel Bijbels is, zoals sommigen in de Reformatie valselijk beweerden. Het antwoord is volmondig JA. In het Boek van de Makkabeeën staat in het Tweede Boek van de Makkabeeën hoofdstuk 12, vers 43 dat Judas de Makkabeeër een zoenoffer liet opdragen voor de overledenen. In de Petrus Canisiusbijbel vertaling staat vanaf vers 43 het volgende: "Vervolgens liet hij onder de soldaten een collecte houden, die tweeduizend drachmen opbracht. Hij zond het geld naar Jeruzalem om een offer voor de zonde te laten opdragen. Dit was een zeer goede en edele daad, daar hij aan de verrijzenis dacht. Want als hij niet had verwacht, dat de gesneuvelden zouden verrijzen, dan zou het nutteloos en dwaas zijn geweest, voor de doden te bidden. Bovendien overwoog hij, dat hun, die Godvruchtig zijn ontslapen, een heerlijke beloning te wachten staat. Inderdaad een heilige en vrome gedachte! Daarom liet hij voor de doden een zoenoffer opdragen, opdat zij van hun zonde zouden worden verlost."

vrijdag 28 oktober 2022

Feest van Christus Koning

In de Buitengewone Vorm van de Romeinse Liturgie wordt aanstaande Zondag, 30 oktober 2022, Christus Koning gevierd. Op deze Zondag noemen wij Hem ook onze Koning, niet alleen omdat Hij van eeuwigheid met de Vader regeert, maar tevens omdat Hij juist in de verheerlijking van zijn Mensheid van de Vader de macht, de wijsheid, de kracht en de eer heeft ontvangen (Introïtus). De Heerser die uit Jacob is voorgekomen, is door de Vader aangesteld tot Heerser van de heilige berg Sion; Hij heeft de volkeren tot zijn erfdeel ontvangen en de grenzen van de aarde tot zijn eigendom (Offertorium). De Psalmist profeteerde dat Hij zou "heersen van zee tot zee en van de rivier tot de grenzen der aarde" (Graduale Psalm 71;8 en 11). 

Hij bezit in eigenlijke zin alle macht welke het Koningschap toekomt. Het Evangelie dat door de Kerk wordt gepredikt, is zijn wet. Dat hij ook Rechter is, heeft Hij zelf verklaard: "De Vader immers oordeelt niemand, maar Hij heeft het oordeel geheel aan de Zoon gegeven." (Johannes 5;22). Eens zal Hij als de Rechter der Wereld op de wolken zetelen om ieder te oordelen naar zijn daden. Omdat zijn wet een geestelijke wet is van liefde en gerechtigheid, kon Christus voor Pilatus verklaren dat zijn Rijk niet van deze wereld is (Evangelie). Tot allen strekt zich zijn eigendomsrecht en het Koningschap uit, niet alleen tot de mensen die Christus belijden. Zijn Koningschap staat boven ieder Staatsgezag: Hij is de Koning der volkeren, van alle huisgezinnen en van alle mensen.

Epistel: Kolossenzen 1; 12-20.
Evangelie: Johannes 18,33-37.
Liturgische kleur: Wit.

Post Scriptum: In de nacht van 29 op 30 oktober 2022 om 03.00 uur gaat de klok één uur terug, dus naar 02.00 uur. We gaan dan over op de Wintertijd. Houd u daar rekening mee in verband met de mistijden aanstaande Zondag?

vrijdag 21 oktober 2022

Twintigste Zondag na Pinksteren - Geloof

In de Twintigste Zondag na Pinksteren, lezen we in het Heilig Evangelie over de wondervolle genezing van een zoon van een zekere 'hofbeambte'. 
Het is wel zeker dat het hier om een beambte gaat die aan het hof van de koning moet hebben gewerkt. In dit geval Koning Herodes Antipas. De dialoog tussen die beambte en Jesus is weer een belangrijke les voor ons: "als gij geen wonderen of tekenen ziet, dan gelooft gij niet". Men zou dus bijna zeggen dat als iemand zegt: "eerst te willen zien en dan pas te geloven", een zeker gevaar in zich houdt. Want als dit een teken is of een wonder, gelooft men dan ook?  Maar wie zegt: "ik heb een wonder gezien", dan mag je ervan uitgaan dat het gezegd is door iemand die echt gelooft. 

Ook voor de hofbeambte geldt dit. Maar op de stelling die de Heer Jesus hem geeft, roept de hofbeambte uit: "Heer kom toch, voordat mijn zoon sterft!" Jesus ziet nu dat de hofbeambte werkelijk gelooft, en zegt hem toe dat zijn zoon beter is geworden. Het gebeurt ook nog precies op het uur dat hij Jesus gesproken heeft. Want bij zijn terugkomst blijkt zijn zoon inderdaad genezen te zijn. Precies in het uur dat Jesus had gezegd dat zijn zoon was genezen. Wat voor een bewijs wil je nu nog hebben over het bestaan van wonderen? 

Ja, inderdaad. Wonderen bestaan echt. Maar er zijn ook lieden in deze wereld die het plan hebben opgevat om het geloof in God uit te doven door met de 'wetenschap' in de hand, de wonderen te ontkennen die echt gebeurd zijn. Deze mensen geloven ook niet. Het is bovendien de H.Apostel Paulus die immers zegt dat wonderen bedoeld zijn voor de gelovigen, zoals hij in zijn brief mooi heeft uitgelegd.

De lezingen in de Buitengewone Vorm van de Romeinse Liturgie zijn:

Epistel: Efesiërs 5; 15-21
Evangelie: Johannes 4; 46-53
Liturgische kleur: Groen.

vrijdag 14 oktober 2022

De nieuwe geestelijke mens

In de lezingen van de H.Mis in de Buitengewone Vorm van de Romeinse Liturgie worden wij opgeroepen om nieuwe geestelijke mensen te zijn. We doen dat - volgens het Epistel van de H.Apostel Paulus - door onze plichten na te komen. Dat wil zeggen: nuttige arbeid verrichten om zo te kunnen geven aan hen die gebrek lijden. Het is dus geen gunst die de Christen aan anderen bewijst, maar de naasten in zijn nood bij te staan is een plicht van de liefde. Slechts hij die deze plicht kent en volbrengt, maakt dus een goed gebruik van de goederen van deze wereld. Het stuk waarover dit gaat vinden wij in de brief aan de Efesiërs hoofdstuk vier met de verzen 23-28.

Het Evangelie van de Negentiende Zondag na Pinksteren vertelt ons een allegorie (dus geen parabel), een voortgezette vergelijking, waarvan ieder onderdeel op de bedoelde werkelijkheid moet worden toegepast. De Koning die voor zijn Zoon een Bruiloftsmaal aanricht, is God, die de eeuwige heerlijkheid bereidt voor hen die door zijn Mensgeworden Zoon zijn verlost. In dit stukje Evangelie worden de heidenen geroepen deel te nemen aan het Bruiloftsmaal. Maar van de geroepenen, zijn alleen diegenen waardig, die een bruiloftskleed dragen, dus trouw waren aan hun doopsel (de Heiligmakende Genade) en de liefdewet van het Evangelie hebben vervuld en zich aldus bekleed hebben met de nieuwe mens. Diegene die deze Heiligmakende Genade verloren hadden, verloren dus hun Bruiloftskleed en worden alsnog uitgesloten van de Hemels heerlijkheid. Hier is een waar woord gesproken: velen zijn wel geroepen, maar weinigen uitverkoren. Een waarschuwing voor ons en dus ook voor onze tijd.

Er gelden de volgende lezingen:

Epistel: Efesiërs 4; 23-28.
Evangelie: Matteus 22; 1-14
Liturgische kleur: Groen.

vrijdag 7 oktober 2022

Communieweigeraars - overweging

In de afgelopen jaren ben ik dit verschijnsel een beetje te vaak zien voorkomen: priesters die iemand de H.Communie weigeren. En dat is niet omdat deze gelovigen zich schuldig hebben gemaakt aan bepaalde Canonieke misdrijven, maar enkel omdat zij de H.Communie op de tong willen ontvangen. Er zijn zelfs priesters bij die het wagen om de H.Communie letterlijk op de hand af te dwingen. Gekker moet het niet worden, denk je dan. En ja hoor, het kan nog gekker. Vervolgens zie je met leedwezen dat er mensen van het ontvangen van de H.Communie worden uitgesloten, en dat volledig te onrechte. Ze worden behandeld als ketters en scheurmakers en alleen maar omdat de hand-communie nogal gevoelig bij hun ligt.

Ik kan mij voorstellen dat je als gelovige daar niet op zit te wachten. Men moet zich eens voorstellen: geen H.Communie ontvangen die zondag, ook van het ontvangen van de Volle Aflaat wordt je vervolgens beroofd, alleen maar omdat een priester opeens zelf bepaalde ideeën er op na houdt hoe het Lichaam en Bloed des Heren ontvangen moet worden. 

In één geval zelfs werd een gelovige - die de H.Communie op de tong wilde ontvangen - door de priester na de H.Mis 'op het matje' geroepen in de Sacristie en die gelovige moest zich vervolgens verantwoorden en verontschuldigen alsof hij voor zijn werkgever moest verschijnen. Kijk, dat gaat al helemaal te ver. Zo ga je niet met je kleine schaapjes om priesterschaar. Zo hoort dat helemaal niet. Vooral als je dan er bij denkt, dat zowat iedereen zomaar tot de H.Communie wordt toegelaten, zonder dat er sprake was van een berouwvolle Biecht en zonder dat de priesters ervoor waarschuwen dat je in staat van Heiligmakende Genade moet zijn. Over de H.Communie wordt tegenwoordig wel heel erg makkelijk gedacht, alsof iedereen maar kan worden toegelaten en zonder dat er beletselen zijn. En dan hebben we het nog niet over bepaalde theologische tendenzen die de H.Eucharistie willen vergelijken met een ordinaire maaltijd. Intussen zwijgen de priesters hier maar over. 

Wat dat betreft moet er in de Kerk nog heel veel (ten goede gaan) veranderen.

zaterdag 1 oktober 2022

David tegen Goliath - overweging

Het stuk in de Bijbel waar David tegen Goliath moet strijden is de moeite waard om te lezen. U vindt het in het eerste boek Samuel, hoofdstuk 17.  Daar treedt David tegen Goliath op wegens een oorlog tussen Saul en de Filistijnen. Het opmerkelijke van dit verhaal is dat in meer delen van de Bijbel een oppermachtige vijand van Israel wordt getoond, maar toch verslagen wordt door een hele kleine strijdgroep, zoals in het Boek Makkabeeën zo prachtig wordt verhaald. Ook hier slaat het noodlot toe voor de machtige strijder Goliath. En soms denk ik dan of dat niet komt doordat mensen de neiging hebben te veel op hun aardse 'macht' te vertrouwen? Was het niet zo, dat Goliath vertrouwde op zijn koperen Lorica, zijn machtige schild, zwaard en speer? Is dat wel voldoende voor een glorierijke overwinning?

Het antwoord is duidelijk nee. We hoeven maar naar onze tijd te kijken hoe de strijd tussen Oekraïense troepen en Russische troepen heeft plaatsgevonden en hoe de Russen op dit moment zeer veel terrein hebben verloren. Intussen maken de Oekraïners veel gevangenen en oorlogsmateriaal buit. De foto's op het internet spreken daarin boekdelen. Het merkwaardige is dat ook in de oorlog tussen Oekraïne en Rusland, de eerste partij maar weinig kans zou hebben gehad tegen de Russen. In sommige commentaren werd er zelfs gesproken van "drie dagen, en Oekraïne is van de kaart geveegd." Dit gebeurde echter niet en nogal wat "specialisten" op het gebied van "defensie" zaten er met hun voorspelling volledig naast.

Opvallend is ook dat er een Maria-verschijning ergens zou hebben plaatsgevonden, waarbij de Heilige Maagd de voorspelling deed dat Oekraïne onafhankelijk zou worden (van Rusland dus). Op dit moment weet ik niet welke Maria-verschijning wordt bedoeld, maar is voor de situatie van nu wel degelijk interessant: wat zegt God zelf over het zelfbeschikkingsrecht van de Oekraïners? Daar hoor je namelijk niemand over. Ik zeg daarom altijd: "we vergeten heel vaak de derde speler (God) in ons leven", en dus ook in een oorlog. Immers: wie zegt niet dat God helemaal niet wil dat Oekraïne volledig wordt bezet door de Russen? Dat is voor mij de reden waarom de "militaire voorspellingen" nooit uit zullen komen. God heeft ook hier altijd het laatste woord.

zaterdag 24 september 2022

Zestiende Zondag na Pinksteren

Nederigheid is een deugd, en de Heer Jesus vertelt in deze Zondag hoe belangrijk het is dat iemand nederig blijft en niet beneveld wordt door hoogmoed. In het Evangelie legt de Heer immers uit dat wie zichzelf verheft, vernederd wordt, maar diegene die zichzelf vernederd, zal verheven worden. Als wij nederig zijn, geeft God ons de genaden en de verheffing die wij in ons leven nodig hebben. Hij geeft die genade niet, als wij ongehoorzaam zijn, of als wij zelf wel even onze weg komen uitkiezen. Men zegt niet voor niets dat hoogmoed voor de val komt. En ja, het is toegestaan op Sabbat (voor ons de Zondag) een goed werk te doen (zie foto), iemand te redden of te genezen. Wie immers beweert dat er helemaal niet gewerkt mag worden op die dag, moet afvragen waarom zijn hart nog blijft kloppen en werken (ook op Zondag). Misschien dat er voor sommige lieden nog een licht opgaat? Ik hoop het maar.

In enkele zinnen predikt de H.Apostel Paulus ons het geheim van de werking van de Heilige Geest in het Epistel aan de Efesiërs van deze Zondag. De Eeuwige Vader schenkt aan de gelovigen de Geest om hen te sterken, opdat zij in een steeds vuriger geloof Christus zullen aanhangen en inzicht zullen verkrijgen in de geheimen van zijn Liefde, en zelf steeds meer God gelijkend zullen worden door een heilig leven. De werking van de Heilige Geest is een wonder die wij niet kunnen begrijpen, wegens de onbegrijpelijke heerlijkheid waartoe zij ons voorbereidt. 

De lezingen in de Buitengewone Vorm van de Romeinse Liturgie zijn aldus:

Epistel: Efesiërs 3; 13-21
Evangelie: Lucas 14; 1-11
Liturgische kleur: Groen.

zaterdag 17 september 2022

Vijftiende Zondag na Pinksteren - troost

Na de ontdekking van (weer een) massagraf in Oekraïne en veroorzaakt door de bezettende macht van die dagen, kan ik het mij voorstellen dat mensen er moedeloos van worden. "Dit kan toch niet wáár zijn?" zal er worden gedacht. Maar helaas. Het is waar en de gruwelijkheden die de arme slachtoffers moesten ondergaan zijn onbeschrijfelijk. Terecht vraagt men af hoe het kan dat er mensen bestaan die deze bestialiteiten, deze demonische daden uitdenken en uitvoeren? Daar is een eenvoudig maar waar antwoord op te geven. Dit is gewoon duivelswerk. Niets anders. Maar is er dan geen antwoord meer op de dood? Gelukkig is dat antwoord er wél. Het antwoord luidt dat de mensen meer naar Jesus toe moeten gaan en zijn bemiddeling vragen. 

We zien dat in het prachtige verhaal van het dood kind dat wordt uitgedragen in het plaatsje Naïm: het enige kind van een weduwe. Gelukkig is daar Jesus onze Heer die uit medelijden bewogen het kind opwekt uit de dood. De mensen zijn buitengewoon verbaasd bij het zien van dit wonder en zeggen terecht dat: "God ons volk bezocht heeft". Een duidelijke verwijzing dat God ons zeker niet verlaten heeft, ondanks de verschrikkingen die wij nu zien in Oekraïne. 

De grote troost van dit verhaal is, dat de dood niet het laatste woord heeft, maar ook dat wij na dit leven op aarde elkaar in de Hemel zullen terug zien, en dat geldt zeker na de opstanding der doden die nog in het verschiet ligt. Het kind wordt immers levend aan de moeder terug gegeven. De dood zal dan voor eeuwig worden vernietigd. De werken van de duivel zullen dan voor eeuwig worden vernietigd. De macht van Satan zál worden gebroken! Daar is gewoon geen ontkomen aan. Dit is de troost die ik iedereen wil geven, ook als wij nu nog geconfronteerd worden met zoveel leed en met zoveel kruisen die onze levensweg markeren.

De lezingen in de Buitengewone Vorm van de Romeinse Liturgie zijn als volgt:

Epistel: Galaten 5; 25-26 en 6; 1-10
Evangelie: Lucas 7; 11-16
Liturgische kleur: Groen.

zaterdag 10 september 2022

14de Zondag na Pinksteren - leven naar de Geest

Leven naar de Geest is niet het zelfde als leven naar het vlees. De Heilige Apostel Paulus legt dat heel mooi uit in het Epistel van de H.Mis in de Buitengewone Vorm van de Romeinse Liturgie. 

De H.Apostel noemt daarvan een aantal zaken op die wij als Christenen van de Katholieke Kerk dienen te vermijden. Zaken als: ontucht, onreinheid, oneerbaarheid, zedenloosheid, afgoderij, toverij, twist, vijandschap, afgunst en toorn, onenigheid, tweedracht, en verdeeldheid. Deze mensen zullen volgens de Heilige Apostel Paulus het Koninkrijk der Hemelen zeker niet beërven. We dienen naar de Geest te leven, die Paulus ook opsomt: liefde en vreugde, vrede en geduld; welwillendheid en zachtmoedigheid, getrouwheid en bescheidenheid, zelfbeheersing en reinheid. En als wij het over de liefde hebben, dan hebben we het niet over de liefde als voorwendsel om onreinheid goed te praten, zoals sommigen vandaag de dag doen. Nee, dat is geen echte liefde. 

Het is ook waar dat velen van ons vinden dat wij nog ver weg zijn om helemaal naar de Geest te leven en hoeveel strijd dit kost, maar dan zeg ik altijd: je hoeft het niet alleen te doen. De Heer zal je helpen indien je al deze deugden en genaden aan Hem vraagt. De Heer geeft echt geen steen aan zijn kinderen als die om brood komen vragen. God is immers goed en zal op zijn tijd deze dingen aan ons geven. Mits we er maar om vragen. En als een eerste keer niet lukt, blijf dan gewoon op de hemeldeur kloppen. Er zal zeker worden opengedaan! En mochten wij fouten hebben begaan: iedereen is welkom in het H.Sacrament van Boete en Verzoening.

In het Evangelie legt Jesus onze Heer uit dat we niet twee heren kunnen dienen. Je dient God of je dient hem niet. Beiden combineren en beiden dienen (God en de mammon = geld en rijkdom) gaat echt niet werken. Je probeert immers ook niet op twee paarden tegelijk te klimmen: dan val je er geheid vanaf. Dat betekent ook, dat wij geen compromissen moeten sluiten. Dus geen compromissen maken met ons Geloof. Doe je dat wél, dan ga je de weg van Judas Iskariot op die geld zó belangrijk vond, dat hij zijn Meester voor een bundeltje van 30 zilverlingen wist te verkopen. En we weten hoe dié uiteindelijk is geëindigd. 

De lezingen zijn als volgt:

Epistel: Galaten 5;16-24
Evangelie: Matteus 6; 24-33
Liturgische kleur: Groen.

zaterdag 3 september 2022

Dertiende Zondag na Pinksteren - Dankbaarheid

Danken wij onze Heer wel voor alle goede gaven die Hij ons heeft gegeven? Soms merk ik dat de mensen de goede gaven van God klakkeloos aannemen zonder maar één woordje van dank te zeggen. En heel soms, krijg ik het idee dat er ook ondankbaarheid heerst. Daarom moeten wij onze Heer elke dag danken, voor het voedsel, voor het regenwater, voor onze oogsten, voor ons inkomen, voor alle genaden die Hij ons heeft gegeven en, ja..zoveel meer wat Hij ons gegeven heeft! Soms is het werkelijk te veel om op te noemen! Danken wij onze Heer dan ook dat wij gezond zijn, dat Hij ons van onze kwalen geneest? Zo was onlangs een familielid van mij besmet met het Coronavirus. Gelukkig (na veel gebed en goede adviezen) knapte dit familielid op en is van Corona genezen. Uiteraard was mijn dank aan God heel groot. Je zal maar een familielid verliezen!

In de Buitengewone Ritus van de Romeinse Liturgie lezen we op de Dertiende Zondag na Pinksteren ook een verhaal over dankbaarheid. Het mooie verhaal gaat dit keer over de tien melaatsen die Jesus om genezing vragen. Merkwaardig genoeg komen niet tien voormalige melaatsen terug om onze Heer te danken, maar slechts één. Nota bene een Samaritaan. Heel netjes en diplomatiek weet de H.Schrift ons te vertellen dat Samaritanen geen omgang hadden met Joden. Maar het mooiste komt nog in het Evangelie als Jesus tegen de genezen Samaritaan zegt: "uw geloof heeft u redding gebracht." Jesus spreekt over het geloof dat ons doet redden. Doen wij dat ook? Geloven wij ook echt dat Jesus ons genezen en redden kan? Vertrouwen wij echt op God voor onze genezing? En als wij maar weinig vertrouwen hebben, wel willen, maar te zwak zijn...zoeken wij dan ook echt hulp bij Hem? Vragen wij ook om die hulp? Elke dag weer? Wonderen bestaan en door ons geloof kunnen deze wonderen een belangrijke rol in ons leven spelen. Maar het belangrijkste is: dankbaarheid. 

Als wij morgen naar de H.Mis gaan, laten wij na het ontvangen van de H.Communie niet vergeten om Jesus te danken. Hij heeft immers zoveel voor ons geleden en zichzelf volledig weggeschonken om ons het Eeuwig Leven te geven. Laten wij dat nooit vergeten. Laten wij daarom altijd God danken!

De lezingen in de Buitengewone Vorm zijn:

Epistel: Galaten 3; 16-22.
Evangelie: Lucas 17; 11-19.
Liturgische kleur: Groen.

zaterdag 27 augustus 2022

Twaalfde Zondag na Pinksteren - Barmhartigheid

Wie zou het normaal vinden als de Zondagsrust en het verbod op slafelijke arbeid die dag, zó werd uitgelegd dat elk beroep zich hier aan moest houden? De gevolgen zouden verschrikkelijk zijn. Dan zouden de hulpverleners, politie, ambulance, ziekenhuispersoneel en zelfs de brandweer niet meer uitrukken. Dan zouden alle ongelukken rampen worden en branden uitgroeien tot een catastrofale vuurzee met doden en gewonden. Dan zouden de zieken sterven wegens een gebrek aan hulpvaardigheid en medicijnen en dan zouden de doodgravers overwerkuren moeten maken. Deze rampen zijn dus mogelijk als wij geen barmhartigheid aan een ander betonen en vinden dat een wet voorrang moet hebben. Zulk gedrag is zeker te veroordelen.

Christus heeft ons geleerd dat de Sabbatwet en de Wet nooit zo absoluut kunnen worden uitgelegd dat het ons van barmhartigheid zou uitsluiten en geeft ons in het H.Evangelie voorbeelden dat er dus op Sabbat wel degelijk mag worden genezen en dat men niet ontslagen is van het doen van hulpverlening (de kalf uit de put trekken). 

In het Evangelie van de Liturgie in de Buitengewone Vorm, lezen we ook deze keer over het geven van barmhartigheid. Hoe een priester en een leviet een half doodgeslagen man nabij Jericho laten liggen omdat hun interpretatie van de Wet van Moses het niet toeliet deze man te helpen. De Leviet had mogelijk gedacht een lijk te zien liggen, en wilde zich volgens de Wet van Moses niet verontreinigen. Ook de priester zal dat mogelijk gedacht hebben. 

Maar een Samaritaan ontfermde zich over de half-dood geslagen man. Een duidelijk les voor ons om gemarginaliseerden niet links te laten liggen, maar deze mensen een helpende hand toe te steken. En dus niet omdat wij op deze Zondag alleen dit Evangelie lezen, maar dat wij altijd klaar staan om die helpende hand toe te steken, dus ook als het ons even niet zint of uitkomt.

In diepere zin, betekent dit verhaal dat de oude Wet (de priester en de leviet) de stervende mens niet heeft kunnen bijstaan. Het Nieuwe Verbond echter reikt Gods genade toe door de H.Sacramenten (verzinnebeeld door de olie en de wijn die op het slachtoffer gegoten worden). Het slachtoffer wordt geleid in de herberg om hem te verzorgen, dat is de Herberg van de Kerk. De twee penningen symboliseren het Oude en het Nieuwe Verbond met op de penning het beeld van de Hemelse Koning die voor deze prijs onze wonden komt genezen. 

De conclusie van dit Evangelie is wel heel bijzonder wanneer de Heer aan de Joodse Wetgeleerde vraagt wie zijn naaste in dit verhaal was. Het antwoord van de Wetgeleerde is verbijsterend: "diegene die Barmhartigheid heeft betoond". Het woord "Samaritaan" komt niet eens over zijn lippen. Christus de Heer veroordeelt hem daarover niet, maar geeft aan dat diezelfde barmhartigheid ook door de Wetgeleerde zal moeten worden uitgevoerd. Immers, als wij niet barmhartig zijn voor een ander, waarom zou God dan wél barmhartig zijn voor ons? 

De lezingen in de Buitengewone Vorm van de Liturgie zijn als volgt:

Epistel: 2 Kor. 3; 4-9
Evangelie: Marcus 10; 23-37
Liturgische kleur: Groen.

zaterdag 20 augustus 2022

Elfde Zondag na Pinksteren

Op de Elfde Zondag na Pinksteren lezen we over een bijzondere gebeurtenis, waarin Jesus, de Zoon van God een zieke genas die niet kon praten en horen. De bijzonderheid ligt in het feit dat deze genezing in de Dekápolis plaatsvond. Dit is een gebied dat in de tijd van Jesus niet tot Israel behoorde, maar tot het grondgebied van de heidenen. De Heer liet zijn gevolg en zijn Apostelen inzien dat het heil niet alleen voor de Joden, maar ook voor de heidenen zou aanbreken. 

De Dekápolis was een tienstedenbond in Syrië waar Jesus met zijn gevolg het Evangelie verkondigde en de mensen van hun kwalen genas. Het buitengewone van de genezing van de zieke die niet kon praten en horen ligt in het feit dat dit het beeld is van het Heilig Doopsel. Ook tot ons heeft de Heer bij ons H.Doopsel de woorden: "Effeta", "wordt geopend" uitgesproken. Een duidelijke verwijzing dat ook het heil voor de heidenen zou aanbreken en dat ook zij op Sacramentele wijze in zijn Kerk zouden worden opgenomen. 

Dat de Heer dus in de streek van de Dekápolis en Sydon rondging, had dus een diepe zin en heeft ook voor ons - via de eerste onfeilbare uitspraak van de H.Petrus (zie Handelingen 10; 44-48) - grote gevolgen gehad. Het gevolg is ook, dat de lezer die dit stukje leest, nu ook op een bepaalde manier zijn zicht terugkrijgt. Jesus geneest nog altijd.

In de H.Mis van de Buitengewone Ritus van de Romeinse Liturgie zijn de lezingen als volgt:

Epistel: 1 Kor. 15, 1-10
Evangelie: Marcus 7; 31-37
Liturgische kleur: Groen.

zondag 14 augustus 2022

Hoogfeest Maria Ten Hemelopneming

Op 15 augustus viert de Rooms Katholieke Kerk het hoogfeest van de Moeder van God die met lichaam en ziel ten hemel werd opgenomen. Tijdens het Eerste Vaticaans Concilie werd er door de vaders gevraagd om een dogmatische definitie van Maria Ten Hemelopneming, waarna in 1950 Paus Pius XII dit dogma zou afkondigen. Er wordt in dit dogma overigens niets nieuws verkondigd, want de Ten Hemelopneming van Maria met ziel en lichaam is namelijk altijd door de Kerk geloofd. Er werden in de aanloop tot dit dogma vele bronnen van oude schrijvers en theologen uit de Scholastiek geraadpleegd. Het Pauselijk document van Paus Pius XII, Munificentissimus Deus is te lezen op rkdocumenten via deze link
Voor de Nederlandse Kerkprovincie geldt 15 augustus als een verplichte feestdag. Er geldt geen verplichting tot het onthouden van werken en bezigheden, maar men dient wel op deze dag de H.Mis bij te wonen. In sommige delen van Nederland is het gebruikelijk om de zogenaamde Kroedwösj te laten zegenen door een priester of bisschop. De mensen nemen deze gezegende kruiden mee naar huis en plaatsen die in een vaas of standaard. 

Ik wens u allen een heel fijn en gezegend Maria Ten Hemelopneming toe.

Hoog boven alles blinkt gij uit,
o, Maagd, o Koningin, o bruid,
en alle schoonheid vloeit ineen,
en alle glans in u alleen,
Gekroond met zoveel glans en eer,
o, zie op ons die bidden neer,
en neem met vreugd het loflied aan,
wanneer wij zingend tot u gaan.

O, Heilige Maagd Maria, Moeder van God en onze Moeder wees onze voorspraak!

In de Buitengewone Vorm van de Romeinse Liturgie zijn de lezingen als volgt:

Boek Judith 13; 22-25
Evangelie: Lucas 1; 41-50
Liturgische kleur: Wit.

zaterdag 13 augustus 2022

Tiende Zondag na Pinksteren

In het Evangelie op de Tiende Zondag na Pinksteren, lezen we in de H.Mis in de Buitengewone Vorm, hoe een Farizeeër bij zichzelf bidt en tienden geeft en het vasten onderhoudt. Zou deze Farizeeër dit in nederigheid hebben gezegd bij zichzelf en zou hij niet hebben neergekeken op die arme tollenaar achter in de Tempel, dan was zijn gave door God zeker aanvaard. De Heer laat ons weten dat wij daarom nooit en te nimmer mogen neerkijken op een ander, hoe onaanzienlijk en verachtelijk iemand in maatschappelijke positie ook beschouwd mag worden.

Jaren geleden werd er in een bedrijf een onderzoek gehouden en aan de werknemers de vraag gesteld wat zij allemaal wel of niet konden. Opvallend was dat de bedrijfsleiding een geheel andere inschatting had gemaakt dan de werknemers, die dachten meer te kunnen dan ze werkelijk aankonden. De meeste werknemers waanden zich meer in staat dan de test had aangetoond. 

Maar niet alleen op de werkplek kom je hoogmoed tegen. Ook vandaag komen wij mensen tegen die maatschappelijk gezien het laagst worden gewaardeerd en dat er makkelijker op kan worden neergekeken. Dat laatste verraad alleen maar de eigen hoogmoed die door de Kerkelijke Leer gezien wordt als een doodzonde.

De Heer veroordeelde dus niet het feit dat de Farizeeër vast en aalmoezen geeft, maar wel veroordeelt Hij zijn gebrek aan boetvaardigheid en de hoogmoed waarmee hij zich boven anderen verheven waant. Als wij door God gerechtvaardigd willen worden, dan is het noodzakelijk dat we de deugden trouw navolgen; dezelfde deugden die Christus onze Heer ook bezit en die Hij ons op aarde voorgeleefd heeft.

De arme tollenaar, die achteraan in de Tempel tot God bidt en niet omhoog durft te kijken, spreekt de beroemde woorden uit: "Oh God, wees mij arme zondaar genadig!" De tollenaar ging daarom gerechtvaardigd naar huis, maar niet de Farizeeër die op de tollenaar neerkeek. We moeten zelf in de Kerk deze uitspraak van de tollenaar ter harte nemen en zeggen: "Oh God, wees mij zondaar genadig!" Zo kunnen wij ook gerechtvaardigd naar huis gaan en zal onze Heer ons - arme zondaars - zeker verheffen. Want wie zichzelf vernedert, zal verheven worden. Maar iedereen die zichzelf verheft, zal vernederd worden.

De lezingen in de Buitengewone Vorm zijn aldus:

Epistel: 1 Kor. 12; 2-11
Evangelie: Lucas 18; 9-14
Liturgische kleur: Groen.

zaterdag 6 augustus 2022

Negende Zondag na Pinksteren

Vandaag op 6 augustus wordt nog het Feest gevierd In Transfiguratione Domini Nostri Jesu Christi (de Gedaanteverandering van de Heer op de berg Tabor), waarin de drie Apostelen Petrus, Jacobus en zijn broer Johannes onze Heer in heerlijkheid mogen aanschouwen en waarin er twee getuigen, Moses en Elia bevestigen dat Hij het is die zij hebben voorzegd en verwacht. God de Vader zegt aan ons via de stem die uit de wolk klinkt dat dit zijn Zoon is naar waar iedereen luisteren moet. 
In het oosten werd dit feest al in de vijfde eeuw na Christus gevierd en gedurende de Middeleeuwen is men ook het oosterse feest op 6 augustus gaan vieren. In 1457 werd door Paus Calistus III dit feest blijvend in de kerkelijke kalender opgenomen.

Zondag 7 augustus vieren wij in de Liturgie in de Buitengewone Vorm de Negende Zondag na Pinksteren, waarin wij ons vertrouwen in de Heer stellen die ons heeft verlost. In het Epistel waarschuwt ons de Apostel Paulus voor de begeerte naar het kwaad. Hij wijst ons een paar voorbeelden aan die in de H.Schrift zijn opgetekend om ons te waarschuwen niet in opstand te komen tegen God en zijn Gezag. Diegenen die dat wél deden, kwamen om door de slangen en de Verderfengel. Ook in onze tijd kom je mensen tegen die zonder enige goede reden in opstand komen tegen het gezag dat over hen gesteld is (de overheid). Die weg mag de Christen dus niet gaan. Er is namelijk altijd wel een oplossing voorhanden en God laat zeker niet toe dat u boven uw krachten wordt beproefd. 

In het Evangelie weent onze Heer over Jeruzalem omdat de weg naar de vrede voor haar ogen is verborgen. De Heer voorspelt in een kort ogenblik dat Jerusalem zwaar zal worden belegerd en dat er geen steen op de andere zal worden gelaten. Bij het binnentreden van de Heer in de Tempel worden de geldwisselaars en duivenverkopers uit de Tempel gedreven. Een duidelijke les, dat je profane zaken niet in een heilige plaats als een Tempel kan laten plaatsvinden. Dat geldt niet alleen voor de Joodse Tempel, maar evenzo voor de geconsacreerde Kerkgebouwen waar ook geen profanaties mogen plaatsvinden. We moeten daarom als Christenen erop letten dat wij het heilige ook als heilig beschouwen en dat er geen vermenging plaatsvindt met profane daden of zaken. Een duidelijke les voor ons allen!

De lezingen in de Buitengewone Vorm zijn aldus:

Epistel: 1 Kor. 10; 6-13
Evangelie: Lucas 19; 41-47
Liturgische kleur: Groen.