donderdag 14 oktober 2021

Even een paar dingen rechtzetten

Ik kom nogmaals terug op de stelling dat Geboden opeens niet meer absoluut zouden moeten worden nageleefd. Die opmerking kwam uit Rome, maar daar werd mijns inziens terecht tegen gewaarschuwd vanuit verschillende delen in de Wereldkerk. Wie de Geboden van God op welke manier dan ook minacht, die kan zich niet beroepen God te kennen of Hem lief te hebben. De Heilige Apostel Johannes schrijft dit in zijn eerste brief in hoofdstuk twee, verzen drie tot zes (1 Joh 2; 3-6):
En hieraan weten we, dat we Hem kennen: wanneer wij zijn Geboden onderhouden. Wie zegt: ik ken Hem, doch zijn Geboden niet onderhoudt, hij is een leugenaar, en in hem is de waarheid niet. Maar wie zijn woord onderhoudt, in hem is waarlijk de volmaakte liefde tot God; hieraan erkennen we, dat we in Hem zijn. Wie beweert in Hem te blijven, die moet wandelen zoals Hij heeft gewandeld. (PC-bijbel vertaling)
Zondaars en Tollenaars
Een ander voorbeeld waar vaak mee geschermd wordt om gelovigen zand in de ogen te strooien is de opmerking dat Jesus vaak Tollenaars en zondaars ontving. Vaak wordt dan beweerd dat de priesters en de Paus het zelfde doen door hen in Rome te ontvangen. Het grote verschil is echter dat Jesus wel altijd de zondaars opriep hun leven te verbeteren en hun vergiffenis aan te zeggen als zij berouw hadden over hun zonden. Maar de laatste tijd krijg ik de indruk dat men in Rome tegenwoordig wél zondaars van allerlei slag ontvangt, maar hun nooit openlijk oproept zich te bekeren van hun slechte werken. Wel werden deze zondaars later via de media de hemel in geprezen en met Pauselijke onderscheidingen overladen. Als men in Rome denkt dat de priesters hier in Nederland op hun achterhoofd zijn gevallen en dit niet zouden zien, dan hebben ze toch de zaak een beetje scheef ingeschat in dit land. Gelukkig zijn er priesters die hun werk wél serieus nemen, zoals Bisschop Strickland in de Amerikaanse staat Texas. Die draait er geen doekjes om en zegt publieke zondaars dat zij zich dienen te bekeren. Dat waren ook de eerste woorden die Jesus sprak toen Hij het Evangelie ging verkondigen: "Bekeert u, want het Koninkrijk der Hemelen is nabij!"

Celibaat.
Het Celibaat stond enige dagen (weer) onder vuur, nu wegens het misbruikschandaal in de Franse Katholieke Kerk en het was een of andere briefschrijver in een Nederlandse krant die vond dat de Paus het Celibaat maar moest afschaffen. Heel leuk allemaal, maar de schrijver vertelde er niet bij dat het om een kleine minderheid ging die zich in Frankrijk misdragen had. Het zou idioot zijn om iets af te schaffen wegens een probleem dat door een minderheid werd veroorzaakt. Maar afgezien daarvan: veel mensen weten niet dat het Celibaat afkomstig is van de Apostolische Traditie (en niet van de Paus) en dat geen enkel Concilie het Celibaat heeft ingesteld. Wel werd het Celibaat altijd door alle Concilies bevestigd en dit gaat zeker terug tot de vierde eeuw na Christus in het Concilie van Elvira. Maar daarvóór bestond het Celibaat ook al. 

In het Evangelie is te lezen hoe Christus de ongehuwden voor het Koninkrijk der Hemelen prijst (zie Matteüs 19;12) en de Apostelen later zeggen alles voor Hem verlaten te hebben. Dus niet alleen je beroep maar daadwerkelijk ook alles, inclusief het samenleven tussen man en vrouw. Het Celibaat is een genade die van God komt, en dat kun je niet even met een papiertje en een griffel van de Paus "afschaffen". Bovendien werd ook nog de schuld van deze crisis aan het Celibaat geweten, maar de schuld werd niet geweten aan het wangedrag van diegenen die het hadden uitgevoerd. Ja, zo kan je altijd wel je gelijk halen: geef gewoon maar de schuld aan iets of iemand anders, en je komt er mee weg, althans dat denkt men dan vaak. Misbruik kon plaatsvinden omdat degenen die zich daar aan schuldig maakten het Celibaat juist een schop hadden gegeven. Misbruik komt door het ontbreken van het Celibaat en zeker niet door het Celibaat. Dat zou men eens eindelijk in de media moeten accepteren. Het lijkt erop dat nadenken, het gebruik van de logica en je verstand, niet de grootste kracht van deze brievenschrijver was die de krant benaderde.