Langzamerhand maar zeker naderen wij het einde van het Liturgisch Jaar. Op zondag 21 november vieren wij al de laatste zondag na Pinksteren in de Nederlandse Kerkprovincie. In deze Eenentwintigste Zondag na Pinksteren belijden wij samen met de vrome Ester, dat aan God de Schepper van Hemel en Aarde, alles onderworpen is (Introïtus). Daarin vertrouwen wij op God die immers getoond heeft - aan de Joden in de voorafbeelding van Pasen van de uittocht - te allen tijde onze toevlucht te zijn (Graduale). Hoe machtig de duivel ook is, ook hij is aan God onderworpen. Wij kunnen de duivel weerstaan als wij ons wapenen door de werken van Geloof, Hoop en Liefde, zoals de H.Apostel Paulus ons laat weten in het Epistel. De duivel kan ons beproeven, maar dit gebeurt zolang God dit toelaat; en de genade van God zal altijd sterker blijken te zijn. Dit leert ons het voorbeeld van de rechtvaardige Job (Offertorium).
In het Offergebed belijden wij ons geloof in het Eucharistisch Offer. De gaven welke door de Kerk aan God worden aangeboden - de heilige gaven van het Lichaam en Bloed van de Heer worden hier duidelijk bedoeld - zijn dezelfden die aan het kruis als zoenoffer werden opgedragen. Hoe krijgen wij de genaden die ons bescherming bieden tegen de duivel? Wij krijgen die door onze gebeden en vooral door het ontvangen van de Heilige Sacramenten indien wij deze laatste in de goede gesteltenis ontvangen. In de Grote Catechismus van de H.Pius X staat aangegeven hoe wij die juiste gesteltenis moeten bereiken. Zorg er dus voor dat die gesteltenis goed is voordat u de H.Sacramenten ontvangt!
In het Evangelie waarschuwt de Heer ons elkaar barmhartigheid te betonen, want ook wij hebben immers barmhartigheid van God nodig. Wie geen enkele barmhartigheid betoont, zal op het Laatste Oordeel ook geen barmhartigheid van God verkrijgen. Laten wij dat nooit vergeten!
Epistel: Brief aan de Efesiërs 6;10-17
Evangelie: Matteus 18;23-35
Laatste Evangelie: Johannes 1;1-14
Liturgische kleur: Groen.
